Scheikunde en energie
Dit is de scheikunde pagina, hier vind je dingen over scheikunde en wat dat met energie te maken heeft.
Soorten energie
In de scheikunde heb je veel soorten energie zoals kinetische energie, chemische energie, windenergie, zonnenenergie en kernenergie. Er zijn nog veel meer maar dat zou saai zijn als we ze allemaal zouden op noemen. Elke energie wordt op een andere manier opgewekt en gebruikt, kernenergie wordt doormiddel van het splijten of fuseren van uranium opgewekt. Deze enegie wordt weer omgezet in stroom en die weer in licht of warmte.
Energie omzettingen/stofeigenschappen veranderen
Een energie omzetting/verandering vind plaats als je de eigenschappen van een stof verandert of gebruikt om een andere stof te laten veranderen. Bijvoorbeeld als je een ei kookt, bij het koken van een ei heb je al gauw 3 omzettingen/veranderingen van stof eigenschapepen. Als je het fornuis aansteekt gebruik je warmte en gas om een vuur te creëren, dat vuur gebruik je weer om het water in de pan te verwarmen en het warme water zorgt er weer voor dat de structuur van het ei veranderd en dat je het kan eten.
Energie opwekken doormiddel van scheikunde
In de scheikunde heb je verschillende mogelijkheden om energie op te wekken. Je kan iets verwarmen waardoor het gaat reageren en je meer warmte krijgt of het wordt om gezet in andere vorm van energie, dit heet enthoderm. Je kan ook stoffen mengen waardoor er al gelijk warmte onstaat, een voorbeeld is als je gootsteenontstopperoplossing en zwavelzuuroplossing met elkaar mengt, los van elkaar zijn de stoffen helemaal niet warm maar als je ze mengt worden ze gelijk een stuk warmer. Zo zijn er nog vele combinatie die daar voor zorgen. Als er energie onstaat zonder dat je er energie aan toe voegd heet dat exthoderm.
Je lichaam
Het eten dat je op eet en verteert is ook een beetje scheikunde. Het voedsel dat je eet wordt in verschillende soorten moleculen afgebroken en gebruikt op verschilldende plekken in je lichaam. Het proces in je lichaam gebruikt allerei stofjes om het voedsel af te breken en de voedingsstoffen gebruiken en transporteren